HAZODI

Uit Plakzuilen

(Doorverwezen vanaf Diepenbeek)
Ga naar: navigatie, zoeken

Locaties

Foto's
Video
Wikipedia
Webcams


Reglement

Deze pagina geldt voor de politiezone HAZODI, de zone bevat de volgende gemeenten:

  • Hasselt
  • Zonhoven
  • Diepenbeek

Het volgende reglement komt uit de Politiecodex van de politiezone HAZODI, pagina 124 tot 130 (hoofdstuk 9).

Hoofdstuk 9 AANPLAKINRICHTINGEN, PUBLICITEIT EN BEWEGWIJZERING

1. Begrippen

Artikel 316:

Voor de toepassing van de bepalingen van deze verordening wordt verstaan onder:
  • Inrichtingen voor publiciteit: borden, panelen, zeilen, tenten, schuttingen, losstaande constructies op wielen of steunpunten en alle andere inrichtingen die dienen om middelen voor reclame, publiciteit en aankondigingen op aan te brengen of te plaatsen.
  • Middelen voor publiciteit: opschriften, affiches, beeld- en fotografische voorstellingen, vlugschriften, plakbriefjes, aanplakbrieven en alle andere vormen voor het maken van reclame, publiciteit en aankondigingen.
  • Bewegwijzering: wegwijzers en richtingsaanwijzingsborden, die de richting aanduiden naar eender welke bestemming.
  • Vergunning: de schriftelijke vergunning, die door de burgemeester van Zonhoven verleend wordt.

2. Toepassingsgebied

Artikel 317:

Deze verordening geldt voor de op de openbare weg waarneembare inrichtingen en middelen voor publiciteit en bewegwijzering.

Artikel 318:

De verordening geldt niet voor:
  • de door de kerkfabrieken en geestelijke overheid aangebrachte aankondigingen en boodschappen op kerken. tempels en kapellen;
  • de inrichtingen en middelen voor publiciteit en bewegwijzering aangebracht in uitvoering van wetten, decreten. reglementen en verordeningen van de hogere overheid en ministeriële ambtenaren;
  • de op een onroerend goed aangebrachte aankondigingen van verkoop of verhuring van het goed;
  • de verkiezingspropaganda. die onder de toepassing valt van hoofdstuk 6 van deel II;
  • de inrichtingen en middelen voor publiciteit en bewegwijzering. die door de bevoegde overheden vergund worden in uitvoering van wetten. decreten. Koninklijke Besluiten, besluiten van de Vlaamse Executieven o.a. tot vaststelling van het statuut van de autosnelwegen, het aanplakken en reclame maken langs bepaalde door de Koning aangewezen wegen en beschermde landschappen en toeristische wegen;
  • de wegbewijzering. die door aannemers geplaatst wordt overeenkomstig de beschikkingen van het algemeen reglement op de politie van het wegverkeer.

Artikel 319:

De verordening geldt eveneens niet voor:
  • de inrichtingen voor publiciteit op, boven en naast de gewestwegen. waarvoor vergunning gevraagd wordt aan de Afdeling Wegen en Verkeer Limburg. Het gebruik van de inrichtingen, die door de Afdeling Wegen en Verkeer Limburg vergund worden, kan desgevallend na overleg met vermeld bestuur overeenkomstig de regelen van onderhavige verordening gebeuren. Voor niet-vergunde inrichtingen en middelen voor publiciteit en bewegwijzering op, boven en naast de gewestwegen wordt evenwel gehandeld overeenkomstig de beschikkingen van punt 9 van deze verordening;
  • de inrichtingen voor publiciteit. die onder de toepassing vallen van de wetten en decreten houdende de organisatie van ruimtelijke ordening en stedebouw, die slechts kunnen gebruikt worden overeenkomstig onderhavige verordening na het verlenen van een bouwvergunning.

3. De vergunningsplicht

Artikel 320:

Behoudens voorafgaandelijke en schriftelijke vergunning is het verboden inrichtingen en middelen voor publiciteit en bewegwijzering op te richten, te plaatsen, aan te brengen en in stand te houden.

4. De vergunningsaanvraag

Artikel 321:

De vergunningsaanvraag zal volgende gegevens en documenten omvatten:
  • naam, adres en telefoonnummer van de aanvrager;
  • datum waarop de aanvrager wenst de inrichtingen en middelen voor publiciteit en bewegwijzering te plaatsen, evenals de duur van de plaatsing;
  • een plan op schaal 1/50, waarop de ligging van de voorgenomen plaatsing aangeduid wordt;
  • een tekening en/of foto, waarop de vorm, de tekst en de afmetingen van de inrichtingen en/of middelen voor publiciteit en bewegwijzering weergegeven wordt;
  • een opgave van materialen, kleuren en in voorkomend geval, de verlichtingssystemen die zullen gebruikt worden;
  • de vergunningsaanvraag wordt in drievoud ingediend, minstens twee maanden voor de dag van de voorgenomen plaatsing. Bij hoogdringendheid beslist de burgemeester over de ontvankelijkheid van de aanvraag;
  • de vergunningsaanvragen worden gedateerd en ondertekend door de aanvrager(s). Voor de rechtspersonen tekenen de gevolmachtigden. Naast de handtekening wordt de naam en functie in drukletters vermeld. Niet behoorlijk ondertekende aanvragen zijn niet ontvankelijk;
  • voor het plaatsen van inrichtingen en middelen voor publiciteit en wegbewijzering op particuliere eigendommen wordt een behoorlijk gedateerde en ondertekende toelating van de eigenaar, huurder, gebruiker of pachter bij het dossier gevoegd.
  • Zo nodig kan bijkomende informatie gevraagd worden.

5. De vergunningsvoorwaarden

Artikel 322:

De vergunning bepaalt:
  • de voorwaarden die dienen nageleefd te worden in het belang van de openbare orde, veiligheid, rust en netheid;
  • het aantal, lengte, breedte, omvang of oppervlakte van de inrichtingen en middelen voor publiciteit en wegbewijzering;
  • de juiste plaats en de hoogte, waarop de inrichtingen en middelen voor publiciteit en bewegwijzering geplaatst worden;
  • de data en/of duur, dat de inrichtingen en middelen voor publiciteit en wegbewijzering mogen aangebracht of geplaatst worden;

Artikel 323:

De afgeleverde vergunning is persoonlijk en kan slechts mits toelating overgedragen worden.

6. Algemene bepalingen

Artikel 324:

Het is verboden inrichtingen en middelen voor publiciteit en bewegwijzering aan te brengen, op te richten, te plaatsen en in stand te houden, die:
  • de openbare veiligheid in gevaar brengen of de rust van de inwoners verstoren;
  • door hun vorm, uitzicht, lichtsterkte en stand de zichtbaarheid op en van het verkeer op de openbare weg of vanaf particuliere eigendommen hinderen of de zichtbaarheid op de weguitrusting zoals wegwijzers, straatnaam borden, huisnummers of elk ander toestel of inrichting van openbaar nut hinderen of belemmeren;
  • in strijd zijn met wetten, decreten, besluiten, reglementen en verordeningen van de hogere overheid;
  • waarvan de teksten niet in foutloos Nederlands gesteld zijn;
  • de naam van de vergunninghouder of uitgever en telefoonnummer van vermelde personen niet vermelden;
  • langer dan drie dagen na het verstrijken van de vergunning;
  • niet zorgvuldig onderhouden worden, beschadigd of onzindelijk zijn.

Artikel 325:

Het is verboden inrichtingen en middelen voor publiciteit, evenals bewegwijzering aan te brengen aan, tegen of rond openbare of godsdienstige gebouwen, geklasseerde monumenten of landschappen, behoudens officiële aankondigingen of toelating van de bevoegde overheden.

Artikel 326:

Op loodsen, schuilplaatsen voor vee, bergplaatsen, krotwoningen, langdurig. onbewoonde of leegstaande gebouwen mogen geen inrichtingen of middelen voor publiciteit of bewegwijzering aangebracht worden.

Artikel 327:

Middelen voor publiciteit mogen niet zonder inrichting voor publiciteit op muren, schuttingen of afsluitingen aangebracht worden.

Artikel 328:

Op de openbare weg en het openbaar domein worden geen inrichtingen en middelen voor publiciteit op losse onderdelen toegelaten.

7. Bijzondere bepalingen

Artikel 329:

De aanwijzingsborden voor bewegwijzering, die op de bermen of openbaar domein of aan de rand van de openbare weg geplaatst worden, zijn rechthoekig van vorm met een maximum lengte van 100 cm en een maximum breedte van 18 cm. De oppervlakte mag in geen geval groter zijn dan de oppervlakte noodzakelijk voor een op afstand te onderscheiden tekst met richtingsaanwijzingspijltjes. De randen van de borden moeten minstens 1 cm dik zijn. De tekst wordt geplaatst in zwarte letters op witte achtergrond. De tekst mag slechts uit een woord of letterwoord of/en symbool bestaan. De aanwijzingsborden steunen op twee zwart gekleurde ronde palen. Alle andere vormen, afmetingen en kleuren zijn verboden.

Artikel 330:

Op de bewegwijzering mag geen expliciete reclame voor producten of diensten aangebracht worden. Alleen de naam van het bedrijf, dienst, instelling of manifestatie is toegelaten.

Artikel 331:

De bedrijven, diensten, instellingen en andere bestemmingen die voor bewegwijzering in aanmerking komen, worden door de Burgemeester bepaald binnen hierna vermelde regels:
  • Rekening wordt gehouden met volgende wegen, die hoofdwegen, genoemd worden:
    • N 72: Beringersteenweg/Wijerstraat/Halveweg/Vogelsancklaan
    • N 74: Gewestweg Hasselt-Eindhoven
    • N 715: Heuveneindeweg/Heuvenstraat/Dorpsstraat/Houthalenseweg
    • Genkerbaan/Oppetseweg/Molenweg/Moleneindeweg
    • Herestraat
    • Bokrijkseweg
    • Elstrekenweg
    • Grote Hemmenweg
    • Kleine Hemmenweg/Waardstraat
    • Engstegenseweg
    • Zavelstraat tussen Dorpsplein en N 74
    • Timmerveldweg/Kriekelstraat
    • Wijvestraat/Zwanenstraat
  • Bedrijven, diensten, instellingen en andere bestemmingen, die naast de hoofdwegen gelegen zijn, mogen niet door bewegwijzering aangeduid worden, tenzij er meer dan vijf werknemers voltijds tewerkgesteld zijn.
  • Op de kruispunten van de hoofdwegen mogen alleen richtingsaanwijzers voor bewegwijzering aangebracht worden naar bedrijven, diensten en instellingen of andere bestemmingen, waar meer dan vijf werknemers voltijds tewerkgesteld worden.
  • Bedrijven, diensten, instellingen en bestemmingen die niet naast de hoofdwegen gelegen zijn, mogen, afgezien van het tewerkgesteld personeel door maximum twee richtingaanwijzers aangewezen: worden. Die bewegwijzering mag slechts vanaf max. twee hoofdwegen
  • Naast de gewestwegen mag alleen toelating tot het plaatsen van richtingsaanwijzers verleend worden na gunstig advies van de Afdeling Wegen en Verkeer Limburg.
  • De bewegwijzering vermeld in het Koninklijk Besluit van 1 februari 1991 mag alleen geplaatst worden overeenkomstig vermeld koninklijk Besluit en het Ministerieel Besluit van 1 februari 1991, verschenen in het Belgisch Staatsblad van 14 maart 1991. Bedoeld worden o.a. bedrijf- of industriepark, telefoonkantoor, postkantoor, begraafplaats, gemeentehuis, kerken, monumenten, sportcentra, cultureel park, recreatie- of pretpark, landschappen, ruitersport, voetbalstadions.

8. Bijzondere bepalingen voor aanplakborden

Artikel 332:

De Burgemeester stelt de plaatsen en de voorwaarden vast noodzakelijk voor het oprichten van gemeentelijke aanplakborden.

Artikel 333:

Afgezien van gemeentelijke aankondigingen, die vrij kunnen aangebracht worden, zijn de aanplakborden ter beschikking van verenigingen en particulieren mits naleving van volgende voorwaarden:
  • Er mag niet aangeplakt worden op de ruimte die de Burgemeester voor het bestuur voorbehoudt.
  • De aankondigingen moeten aan de wettelijke voorschriften o.a. naam van de verantwoordelijke uitgever, voldoen.
  • De aankondigingen mogen alleen in de vorm van affiches, waarvan de totale oppervlakte niet meer dan een vierkante meter bedraagt, gebeuren.
  • De aankondigingen betreffen uitsluitend tijdelijke evenementen van socio-culturele aard, die op het grondgebied van de gemeente Zonhoven plaatsvinden. Alle andere aankondigingen, bijvoorbeeld van politieke of commerciële aard of voor manifestaties, die niet in Zonhoven doorgaan, zijn verboden.
  • De aankondigingen mogen niet strijdig zijn met de openbare orde.

Artikel 334:

De aanplakkingen op de aanplakborden worden uitsluitend gedaan door de gemeentelijke diensten. De voor aanplakking bestemde affiches worden op het

gemeentelijk secretariaat of een andere aan te duiden gemeentelijke dienst afgegeven ten laatste twee weken voor de aangekondigde manifestatie.

Artikel 335:

Het bestuur beslist bij monde van de aangestelde dienst soeverein en zonder verhaal of de ingediende affiches aan de gestelde voorwaarden voldoen en

voor aanplakking aanvaard worden. De aanvaarde affiches worden afgestempeld met een gemeentezegel.

Artikel 336:

Bij afgifte duidt de afgever de aanplakborden waarop hij aanplakking wenst.

Artikel 337:

De bevoegde aanplakdienst zal in de mate van het mogelijke met de aanduiding van de afgever rekening houden, echter zonder enige waarborg. Reclamaties daaromtrent zijn uitgesloten.

Artikel 338:

Na het beëindigen van de manifestatie worden de affiches overplakt of verwijderd door de bevoegde dienst.

Artikel 339:

Op de gemeentelijke aanplakborden is het de verenigingen en particulieren verboden zelf aan te plakken of aanplakkingen te overplakken of te beschadigen.

Artikel 340:

Daar de aangestelde gemeentedienst of ambtenaar beschikt over de aanplakking op gemeentelijke borden is geen vergunning noodzakelijk voor deze middelen voor publiciteit.

9. Herstel- en strafbepalingen

Artikel 341:

Inrichtingen en middelen voor publiciteit en bewegwijzering die niet overeenkomstig onderhavige verordening of niet overeenkomstig de vergunningsvoorwaarden geplaatst, aangebracht, onderhouden of in stand gehouden worden, kunnen door de politie of daartoe aangeduid gemeentepersoneel onmiddellijk op risico en kosten van de overtreders, vergunninghouder of eigenaars van de inrichtingen of middelen voor publiciteit en bewegwijzering, verwijderd worden.

Artikel 342:

Inrichtingen en middelen voor publiciteit en bewegwijzering die een gevaar vormen voor de openbare veiligheid, worden onmiddellijk verwijderd op risico en kosten van de overtreders, vergunningshouders of eigenaars van de inrichtingen en middelen voor publiciteit en bewegwijzering. Dezelfde maatregelen gelden voor de inrichtingen en middelen voor publiciteit, die op de openbare weg of het openbaar domein geplaatst wordt.

Artikel 343:

In het belang van de openbare orde, rust en veiligheid of om redenen van algemeen belang kan de burgemeester de vergunninghouders bijkomende maatregelen opleggen of de vergunning intrekken en dit zonder verhaal. Indien de vergunninghouder geen gevolg geeft aan de verzoeken. van de burgemeester worden de maatregelen vermeld in dit hoofdstuk toegepast.

Artikel 344:

De inrichtingen en middelen voor publiciteit en bewegwijzering, die onvergund of niet overeenkomstig de vergunning of in strijd met deze verordening geplaatst, aangebracht of in stand gehouden worden, kunnen verbeurd verklaard. worden.

Artikel 345:

De overtreders van de beschikkingen van deze verordening, evenals de vergunninghouders, die de in de vergunning gestelde voorwaarden niet naleven of geen gevolg geven aan het verzoek van de burgemeester om bijkomende maatregelen te treffen of het verzoek van de burgemeester om de vergunde inrichtingen en middelen voor publiciteit en bewegwijzering te verwijderen negeren, worden gestraft met politiestraffen (artikel 408) onverminderd de kosten, die voor het verwijderen van de inrichtingen en middelen voor publiciteit en bewegwijzering kunnen gevorderd worde
Persoonlijke instellingen